Over bonus-oma’s en stiefoma’s: als je lezer je bedoeling verkeerd opvat

Als je lezer je bedoeling verkeerd opvat

“Oh mam, dan wordt je stiefoma.”

“En jij stiefoom”, kaats ik terug.

Zijn triomfantelijke glimlach maakt in een fractie van een seconde plaats voor een kleine frons tussen zijn wenkbrauwen.  Hij houdt niet van ‘stief’ en ik eigenlijk ook niet. Daarmee zijn wij niet de enigen: “Ik noem het bonus-oma”, zeggen de twee ervaringdeskundigen tijdens de reünie van mijn basketbalvrouwen. “Dat klinkt vriendelijker.”

 Ik proef het woord op mijn tong. Ja, inderdaad. Ik wil straks wel door het leven gaan als bonus-oma.

Woorden doen ertoe

Dat woorden belangrijk zijn, weten we allemaal. Dat maakt schrijven soms zo lastig. En dat heeft te maken met twee dingen:

Het eerste dat schrijven zo lastig maakt

Allereerst wil je dat wat je hebt geschreven jouw eigen gedachtenlijn weergeeft: het is wat ik jou te ‘zenden’ heb. Daarbij kijk je of alles wat je te zeggen hebt in je tekst staat. Dat is soms al lastig genoeg.

Het tweede dat schrijven zo lastig maakt

En als alles staat zoals jij het wil, ben je nog niet klaar. Want dan – oh schrik – is er nog de lezer. Uiteraard wil je dat die jouw woorden net zo opvat als jij ze bedoelt. Maar hij vertelt het je niet, want hij leest de tekst als jij er niet bij bent. Dat betekent dat je goed moet inschatten wat hij leest in jouw verwoorde gedachten.

Ik wil bijvoorbeeld niet dat jij uit mijn inleiding de conclusie trekt dat ik er tegenop zie om een bonus-kleinkind te krijgen. Die kans is klein, maar je weet maar nooit. Ik moet er wel over nadenken en als ik twijfel herschrijf ik nog wat.

Nu is deze inleiding maar een onnozel stukje tekst. Als je schrijft voor je werk staat er meer op het spel.

Hoe je lezer je bedoeling verkeerd opvat

Zelf maakte ik mee hoe mijn tekst anders opgevat werd toen ik een stukje moest schrijven voor mijn opleiding tot zielscoach over wat een zielscoach is en doet. Ik beschreef hoe mensen die ik totaal niet ken, binnen de kortste keren hun hart bij me uitstorten. Mensen die op het eerste gezicht hun leven perfect voor elkaar hebben. Ze krijgen ze wat aandacht van mij en dan vertellen ze over hun diepste, emotionele binnenroerselen.

Met deze uitleg wilde ik laten zien dat iedereen wel iets heeft. Niets om je voor te schamen.

Ik liet mijn stukje lezen aan een studiegenoot.  Onbedoeld raakt ik haar omdat zij het als een beschuldiging opvatte. “Je zegt dus dat we allemaal in een schijnwereld leven. Dat vind ik niet fijn om te horen.” Zo las zij iets in mijn woorden, wat ik niet bedoeld had. Nu kan ik haar wel zeggen dat ik dat helemaal niet bedoel. Maar als zij het zo leest, dan is het zo. Dus pas ik mijn zinnen aan, zodat heel duidelijk is dat ik mensen nergens beschuldig van te leven in een schijnwereld.

Begrip en herkenning

Die twee kanten, je eigen gedachten helder verwoorden en vervolgens nog eens zo schrijven dat je lezer er alleen maar in leest wat jij bedoeld hebt: dat maakt schrijven dus zo lastig. Niet gek dus dat best veel mensen het moeilijk vinden of er tegenop zien.

Tegelijk is schrijven ook ontzettend mooi, want je kunt zo leren schrijven dat je je bedoeling weerkaatst ziet bij je lezer. Die begrijpt jou en voelt zich herkend, zonder dat je tegenover deze persoon zit.

Wil je meer grip krijgen op schrijven en wil je daar graag hulp bij?

Je kunt bij mij terecht voor schrijfcoaching. Dat zijn korte of langere trajecten die ik met jou persoonlijk houd, dus 1-op-1.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Anti-spam * Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.